Les 1Gewalideerde screeningsinstrumenten: PHQ-9, GAD-7, AUDIT-C, C-SSRS — toediening, scoring, interpretatie en cutoffsDit deel bespreekt kern zelfrapportage-instrumenten voor depressie, angst, alcoholgebruik en suïciderisico. Deelnemers oefenen gestandaardiseerde toediening, scoring, gebruik van cutoffs en klinische interpretatie, inclusief wanneer herhaling nodig is en hoe resultaten te bespreken.
Selecteren van geschikte screeningsinstrumentenGestandaardiseerde toedieningsproceduresScore-regels en ernstcutoffsScores interpreteren in klinische contextResultaten communiceren met patiëntenLes 2Beoordelingsworkflow voor eerste 2–3 sessies: volgorde van vragen, opbouwen van vertrouwen en structureren van sessietijdDit deel leert hoe de eerste twee tot drie sessies te structureren, met balans tussen opbouwen van vertrouwen en informatieverzameling. Deelnemers plannen vraagvolgorde, tempo, overgangen en tijdbeheer terwijl ze warmte, samenwerking en klinische focus behouden.
Agenda en verwachtingen vroeg stellenDringende beoordelingsgebieden prioriterenGevoelige vragen doordacht sequentiërenBalans tussen vertrouwen en dataverzamelingTijdbeheer en sessieafsluitingLes 3Documentatie en juridische/ethische vereisten voor initiële beoordeling, toestemming en vertrouwelijkheidDit deel schetst documentatiestandaarden en juridisch-ethische plichten bij intake. Deelnemers bespreken geïnformeerde toestemming, grenzen van vertrouwelijkheid, meldingsplicht en risicodocumentatie, en oefenen met het schrijven van duidelijke, verdedigbare notities die continuïteit van zorg ondersteunen.
Elementen van geïnformeerde toestemmingVertrouwelijkheid en grenzen uitleggenMeldingsplicht en beschermingsplichtDuidelijke, verdedigbare intakenotities schrijvenRegistratie beheren en informatie delenLes 4Risicobeoordelingsprotocollen: beoordelen van suïcidegedachten, intentie, plan, beschermende factoren en veiligheidsplanningDit deel behandelt gestructureerde beoordeling van suïcide- en geweldsrisico, inclusief gedachten, intentie, plan, middelen en beschermende factoren. Deelnemers oefenen met tools zoals C-SSRS, documenteren risiconiveau en ontwikkelen gezamenlijke, praktische veiligheidsplannen met cliënten.
Suïcidegedachten en voorgeschiedenis uitlokkenIntentie, plan en toegang tot middelen beoordelenBeschermende factoren en buffers identificerenRisiconiveau bepalen en monitorenGezamenlijke veiligheidsplannen ontwikkelenLes 5Sterke punten en hulpbronnen identificeren: sociale ondersteuning, werkfunctioneren, motivatie, eerdere copingvaardighedenDit deel benadrukt het identificeren van sterke punten, waarden en hulpbronnen van cliënten naast symptomen. Deelnemers beoordelen sociale ondersteuning, werk- en rolfunctioneren, copinggeschiedenis en motivatie, en integreren deze hulpbronnen in casusformulering en gezamenlijke behandelplanning.
Sociale en gemeenschapsondersteuning in kaart brengenWerk- en rolfunctioneren evaluerenEerdere effectieve copingvaardigheden identificerenMotivatie en paraatheid beoordelenSterke punten integreren in behandelingLes 6Cultureel responsieve beoordeling: vragen naar familie normen, stigma, taal en voorkeursbegrippen voor distressDit deel richt zich op het integreren van cultuur in de beoordeling, inclusief overtuigingen over psychische aandoeningen, familierollen, taal en idiomen van distress. Deelnemers oefenen respectvolle vragen, aanpassen van vragen en vermijden van stereotypering terwijl ze cliëntvoorkeuren eren.
Culturele identiteit en migratie verkennenFamilierollen en verwachtingen beoordelenStigma en hulpzoekende normen begrijpenVragen naar taal en voorkeursbegrippenReligie, spiritualiteit en betekenis aanpakkenLes 7Uitgebreide psychiatrische intake: probleemstelling, symptoomtijdlijn, functionele beperking, middelengebruik, trauma, familie- en sociale voorgeschiedenisDit deel beschrijft componenten van een uitgebreide psychiatrische intake voor volwassenen. Deelnemers organiseren informatie over probleemstelling, symptoomverloop, functionele impact, middelengebruik, trauma en familie- en sociale voorgeschiedenis tot een coherent klinisch beeld.
Hoofdklacht verduidelijkenSymptoomaanvang en tijdlijn in kaart brengenFunctionele beperkingsgebieden beoordelenMiddelengebruik en trauma screenenFamilie- en sociale voorgeschiedenis verzamelenLes 8Standaard diagnostische criteria: DSM-5-TR criteria voor majeure depressieve stoornis, gegeneraliseerde angststoornis en differentiële diagnoses (bipolair, PTSS, middelen-geïnduceerd, medische oorzaken)Dit deel bespreekt DSM-5-TR criteria voor majeure depressieve stoornis en gegeneraliseerde angststoornis, met nadruk op differentiële diagnose. Deelnemers onderscheiden unipolaire van bipolaire depressie, sluiten PTSS, middelen en medische oorzaken uit en documenteren duidelijke rationales.
DSM-5-TR criteria voor majeure depressieDSM-5-TR criteria voor gegeneraliseerde angstScreenen op bipolaire spectrumstoornissenPTSS en traumareacties onderscheidenMiddelen-geïnduceerde en medische aandoeningenLes 9Bijkomende informatie en biopsychosociale formulering: informatie verzamelen van huisarts, partner, medische dossiers en culturele contextDit deel legt uit hoe bijkomende informatie te verzamelen en een biopsychosociale formulering op te bouwen. Deelnemers coördineren met medische zorgverleners en familie, integreren dossiers en culturele context, en vertalen data naar duidelijke hypothesen over symptoomdrivers.
Toestemming verkrijgen en contacten leggenMedische en psychiatrische dossiers bekijkenCulturele en contextuele factoren integrerenBiopsychosociale casusmodel opbouwenFormulering communiceren met de cliëntLes 10Beoordelen van slaap, circadiaanse factoren en digitaal gedrag (sociale media) bij intakeDit deel leert hoe slaapkwaliteit, circadiaans ritme en digitaal gedrag te beoordelen in relatie tot stemming en angst. Deelnemers oefenen gerichte vragen, korte slaapscreening en evalueren van sociale media- en apparaatgebruikspatronen die symptomen verergeren.
Insomnie en hypersomnie screenenCircadiaanse ritmeverstoringen beoordelenNachtelijke ruminatie- en piekerpatronenSociale media en apparaatgebruik evaluerenGedragspatronen koppelen aan symptomen